Trein perikelen

Vergis je niet, ik vind het over het algemeen fijn om met de trein te gaan.

Op je gemak zitten
Naar buiten staren
mijn gedachten bedaren
Geen stress van de file.
Bij A gaan zitten en na verloop van tijd stap je bij B uit. Voor mij meestal de E van Eindhoven.
Maar soms word ook ik gek van de NS of van ProRail, want ze geven ook altijd elkaar de schuld dus dan geef ik ze ook samen de schuld. Een en al gefail.
Dan wordt deze witmang heet van binnen en wil ik Feyenoordfan gaan op die trein.
Kebang Kebang in plaats van Kedeng Kedeng.

Nu dus ook

Lees verder Trein perikelen

De nieuwe metro van Amsterdam

Tijdens mijn sabbatical in Eindhoven, is er in Amsterdam een nieuwe metro gaan rijden.
De bedoeling was dat hij al zou rijden terwijl ik nog in Amsterdam woonde. Maar het was ook de bedoeling dat de Noord-Zuidlijn in 2011 in gebruik zou worden genomen. In Amsterdam is iemand niet zo heel goed in plannen, misschien is hij/zij beter in verstoppertje spelen.

Terug naar nu. *tiedeledie*

Lees verder De nieuwe metro van Amsterdam

Euro’s, zwervers en ik

Soms, maar ook weleens af en toe doe ik iets goed voor deze wereld.

Zo werd ik ruim 36 jaar geleden geboren, dat zou op zich al genoeg moeten zijn geweest.

Maar ik ben zo een goedmens dat ik nog weleens vaker iets goeds heb gedaan.

Zo ben ik ook lid van het Wereld Natuurfonds, dat geeft mij dan weer een goed gevoel als ik met mijn maat 43 Timberlands de hersenen van een kever verbrijzel.
Een beetje hetzelfde idee dus als de Ronald McDonalds huizen. Ik weet dat ik slechte dingen doe, maar ik heb altijd iets achter de hand waarmee ik mijn kromme gedrag recht kan lullen.

Maar ook geef ik weleens een euro (of een lager bedrag) aan een zwerver/bedelaar/Jehovagetuige.

Lees verder Euro’s, zwervers en ik

Lief Dagboek

Het was weer zo een dag

Vier en twintig uur

Bloed werdt door mijn hart door mijn lichaam gepompt

Zuurstof kwam via mijn longen in mijn bloed

Mijn voeten brachten mij naar diverse plekken

Met mijn handen raakte ik plekken aan

Veel woorden vlogen in mijn oren

Beelden werden gevangen door mijn ogen

Thee ging via mijn mond naar binnen

Via mijn urinewegstelsel naar buiten

Brood ging via mijn mond naar binnen

Via mijn poepsysteem naar buiten

Beelden op televisie

Beelden op de telefoon

De wereld draaide door

Vier en twintig uur

Gewoon een dag, boek

Peertje aan het Plafond

Aan het plafond hangt een Peertje

Geen luxe lampenset met allerlei frutsels

 

Geen LED-lamp die je van kleur kan laten veranderen

Niet eens een dimlicht

 

Gewoon een peertje

Als we op de knop drukken is er licht

Drukken we weer, is het licht weg

 

Zo simpel en doeltreffend

Het doet wat het moet doen

Het doet het goed

 

Toch zal het peertje vervangen worden

door iets met meer uitstraling

Iets met frutsels, misschien wel dimbaar of met verschillende kleuren

zodat we onze ‘mood’ kunnen weergeven

via iets zo simpels als een lamp

 

Zal ik dan het peertje missen,

de eenvoud en doeltreffendheid?

 

Nu is het peertje nog op zijn plek

Somber, simpel,

Doet wat hij moet doen

Bedankt

Kledingkast

“Ik heb niks.”, zegt ze.
“Niks? Hoezo niks? Wat heb je niet?”, vraag ik haar.
“Ik heb geen kleren meer.” en ze staat met haar handen in haar haar naar de kledingkast te staren.

 

Ik lach “ha ha” en vraag of ze haar bril wil hebben. Want die heeft ze, die ligt naast haar kledingkast, haar volle kledingkast, op een klein kastje, waar kleding in zit.
“Ik heb niks meer om aan te doen”, klaagt ze weer.
Ik besluip haar zachtjes van achteren en ‘floep’ de thermometer in haar oor.
‘Misschien heeft ze koorts’, denk ik.

 

37 graden en een stoot in mijn zij, is wat ik terug krijg voor mijn bezorgdheid.

 

“We zijn gisteren nog naar de winkel geweest.”
“Ja,” zegt ze, “maar ik heb nu niks om aan te trekken.”
“Dit matcht niet met dit.”
“Dit breekt het geheel niet goed.”

Ik schuif een vol rek kleding op zij.

Staar naar achteren, naar de muur van de kast.

Geen zwart gat
Geen doorgang naar Narnia
Zelfs geen Anne Frank die de kleden zou kunnen verdoezelen.

“Zie je, al je kleren zijn nog gewoon hier.
Het is je eerder gelukt iets te vinden, dus het zal nu ook wel lukken.
Succes.”

Ik trek een korte broek en t-shirt uit mijn kast. Trek het aan en wandel naar de woonkamer.
Even ‘veilig’ televisie kijken.

Uit de slaapkamer hoor ik veel ‘negatieve’ geluiden.
Niks past
Niets is mooi
Niets is goed

Een hele poos later komt ze naar buiten.
Het is gelukt, ze ziet er goed uit.

“Wat vindt je hiervan?” vraagt ze.

“Ja goed, kunnen we nu gaan? De winkels gaan zo dicht.”

 

Expeditie F-P

Gooi een aantal BNers, Semi-BNers en een paar mediageile nitwits op een eiland en je hebt een format voor een geweldig programma.
Al meerdere jaren is Expeditie Robinson een lust voor het oog voor het luie tv-kijkende volk.
Waaronder ik.

En als winnaar van Expeditie Bankhanger droom ik ook weleens van een deelname aan Expeditie Robinson.
En als man overdrijf ik natuurlijk ook tegen mijn wederhelft over dat ik het allemaal wel zou durven en doen.

Vroeger zat ik namelijk bij de scouting.
Hutten bouwen, knopen leggen en fikkie stoken.
Al ben ik gestopt met de scouting op het moment dat er meer serieuze dingen gedaan moesten worden en minder spelen.
Die platte knoop ken ik nog.
En dat fikkie stoken heb ik de jaren  daarna nog sterk verbeterd.

Ook was ik niet vies van een boswandeling meer of minder.
Zelfs in bomen kon ik klimmen. Al heb ik nu een hoogtevreesje ontwikkeld, klimmen kan ik nog steeds, alleen dan moet ik hopen op een watersnoodramp a la 1953, zodat ik gewoon in het water kan springen.

Zwemmen deden we vroeger namelijk ook gewoon in de vijver, tussen de vissen, kikkers en ratten.
Niks chloor.
Gewoon drie dagen lang jeuk.

En dan de buurt waar ik ben opgegroeid. De jungle van Eindhoven.
Vaartbroek.
Auto’s die harder dan 30 reden.
Fietsen zonder helm.
Fietsen zonder handen.
Pijltjes schieten naar elkaar.
Dartpijltjes naar elkaar gooien.

Thuglife.

Maar tijd voor een grotere uitdaging.
De echte concrete Jungle roept.
De enige echte ghetto van het Nederlandsche.
School of Hard Knocks

Tijd om naar de Bijlmer te verkassen.
Nu, vele jaren later (zes ofzo) heb ik een aantal extra vaardigheden opgepikt.
Zo ben ik sneller geworden door het vele wegrennen en kan ik met minimaal zes verschillende inheemse Afrikaanse stammen praten.

Voor de rest weet ik dat ik mijn spullen goed moet verzekeren voor de momenten dat iemand anders ze meeneemt zonder mij in te wittige.
En veel voedsel waar ik vroeger nog nooit van had gehoord is heeeeeerlijk.
Zoals bojo, teloh, kip en meloen.

En als het echt moet dan zou ik misschien ook wel de bloedworst, vleermuis en varkenspoot proberen (yuck).

Mijn grootste probleem is de drama.
Nu heb ik ook wel behoorlijk wat drama in mijn leven meegemaakt.
Maar zelf dramatisch doen, daar ben ik nog niet zo goed in.
Dus voordat ik echt mee kan doen aan Expeditie Robinson zal ik eerst wat dramatischer moeten worden.

Misschien dat ik weer naar een andere locatie moet verhuizen om dat te leren.

Maar nu eerst verder met Expeditie Bankstel en naar de drama op tv kijken.

Waar is de airco?

Bam, daar zit ik dan.
In de bus, bus 4, de warme bus. Geen airco bus, buiten 26 graden.
Ik hoor dat het buiten 26 graden is, want dat zegt een meisje tegen een ander meisje. Nu is dat andere meisje boos op de bomen die in de weg staan. Ze kan de temperatuur niet aflezen van het scherm op het gebouw aan de overkant want die ‘kutbomen’ staan ervoor. Er staan inderdaad een aantal bomen tussen ons en het scherm, er hangen veel bladeren aan. Maar om het dan meteen ‘kutbomen’ te noemen, gaat mij te ver.
Maar misschien heeft zij ook wel zo’n bos voor haar kut.
Weet ik veel.

Even later zegt het andere meisje weer tegen het ene meisje dat ze zin heeft in een ijsje. Met aardbeien en het liefst ook chocolade.
Ze neemt nooit vanille-ijs, maar altijd ijs met een smaakje.

De airco is inderdaad kapot en het zal wel meer dan 26 graden zijn.

Op het station is geen tijd om af te koelen, mijn trein komt eraan.
Snel koop ik nog een verfrissende versnapering en kijk ik uit naar een fijne zit in een verkoelde treincoupé.

Als ik instap vreet het zweet dat ik uitbarst al het textiel van mijn lijf.
Het is warm, benauwd, ik krijg flashbacks naar de tijd dat ik met het Vreemdelingenlegioen door de Afrikaanse zandvlakte tijgerde.
Mans als ik ben kijk ik of er mooie vrouwen in het treinstel zitten die door de hitte hun kleren uitdoen. Of op zijn minst een met een witshirt aan en mooie ronde borsten.
Niets van dit alles.

Alleen maar oudere werkslaven.
Op de volgende rij een man met rond brilletje die een krantje leest op zijn iPad.
Schuintegenover me een vrouw die haar boek al een half uur op dezelfde pagina heeft liggen en zelf naar het plafond staart.
En op het bankje naast me zit een meisje die een conversatie heeft met het raam.

Toch kan ik niet helemaal klagen over de NS, zo hebben ze een flyer uitgedeeld met daarin hun reisadviezen in verband met toekomstig werk aan het spoor.
Deze flyer kan je ook als waaier gebruiken, leuker kunnen ze het niet maken.
Het beste reisadvies, als je dan toch met de NS moet reizen, is om naast genoeg eten en drinken mee te nemen, ook schone kleren en een handdoek in je tas doen.
Het beste is als je een aantal schaars geklede dames meeneemt die met grote palmbladeren je verhitte lijf afkoelen en die je pitloze witte druiven voeden.
Ik denk dat ik daar de rest van de reis van ga dromen.

Bezweet ben ik toch al.