De nieuwe metro van Amsterdam

Tijdens mijn sabbatical in Eindhoven, is er in Amsterdam een nieuwe metro gaan rijden.
De bedoeling was dat hij al zou rijden terwijl ik nog in Amsterdam woonde. Maar het was ook de bedoeling dat de Noord-Zuidlijn in 2011 in gebruik zou worden genomen. In Amsterdam is iemand niet zo heel goed in plannen, misschien is hij/zij beter in verstoppertje spelen.

Terug naar nu. *tiedeledie*

Lees verder De nieuwe metro van Amsterdam

Euro’s, zwervers en ik

Soms, maar ook weleens af en toe doe ik iets goed voor deze wereld.

Zo werd ik ruim 36 jaar geleden geboren, dat zou op zich al genoeg moeten zijn geweest.

Maar ik ben zo een goedmens dat ik nog weleens vaker iets goeds heb gedaan.

Zo ben ik ook lid van het Wereld Natuurfonds, dat geeft mij dan weer een goed gevoel als ik met mijn maat 43 Timberlands de hersenen van een kever verbrijzel.
Een beetje hetzelfde idee dus als de Ronald McDonalds huizen. Ik weet dat ik slechte dingen doe, maar ik heb altijd iets achter de hand waarmee ik mijn kromme gedrag recht kan lullen.

Maar ook geef ik weleens een euro (of een lager bedrag) aan een zwerver/bedelaar/Jehovagetuige.

Lees verder Euro’s, zwervers en ik

Lief Dagboek

Het was weer zo een dag

Vier en twintig uur

Bloed werdt door mijn hart door mijn lichaam gepompt

Zuurstof kwam via mijn longen in mijn bloed

Mijn voeten brachten mij naar diverse plekken

Met mijn handen raakte ik plekken aan

Veel woorden vlogen in mijn oren

Beelden werden gevangen door mijn ogen

Thee ging via mijn mond naar binnen

Via mijn urinewegstelsel naar buiten

Brood ging via mijn mond naar binnen

Via mijn poepsysteem naar buiten

Beelden op televisie

Beelden op de telefoon

De wereld draaide door

Vier en twintig uur

Gewoon een dag, boek

Wekelijkse klim

Maandagochtend, 6 uur.

Ik sta op uit bed.
Niet klaar om aan de slag te gaan.
Maar het is tijd om te klimmen.

De berg die hoger is dan de hoogste berg, meedogenlozer dan de Alpe D’Huez en Mount Everest samen.

We gaan met velen.
Koppen zullen rollen.
Een voor allen, allen voor de top van de berg.

Het begin is zwaar, heel zwaar, zwoegen.
Cafeïne vloeit rijkelijk om ons op de been te houden.

Gevloek. Gevloek op de berg. Maar ook op elkaar.
Sommigen haken af.

We zitten in hetzelfde schuitje, met hetzelfde doel.
De top moet bedwongen worden.

Ik ben bijna tweeëneenhalve dag onderweg.

Nu is het woensdagmiddag, lunchtijd.
De week is door midden.
We gaan naar beneden.

Expeditie F-P

Gooi een aantal BNers, Semi-BNers en een paar mediageile nitwits op een eiland en je hebt een format voor een geweldig programma.
Al meerdere jaren is Expeditie Robinson een lust voor het oog voor het luie tv-kijkende volk.
Waaronder ik.

En als winnaar van Expeditie Bankhanger droom ik ook weleens van een deelname aan Expeditie Robinson.
En als man overdrijf ik natuurlijk ook tegen mijn wederhelft over dat ik het allemaal wel zou durven en doen.

Vroeger zat ik namelijk bij de scouting.
Hutten bouwen, knopen leggen en fikkie stoken.
Al ben ik gestopt met de scouting op het moment dat er meer serieuze dingen gedaan moesten worden en minder spelen.
Die platte knoop ken ik nog.
En dat fikkie stoken heb ik de jaren  daarna nog sterk verbeterd.

Ook was ik niet vies van een boswandeling meer of minder.
Zelfs in bomen kon ik klimmen. Al heb ik nu een hoogtevreesje ontwikkeld, klimmen kan ik nog steeds, alleen dan moet ik hopen op een watersnoodramp a la 1953, zodat ik gewoon in het water kan springen.

Zwemmen deden we vroeger namelijk ook gewoon in de vijver, tussen de vissen, kikkers en ratten.
Niks chloor.
Gewoon drie dagen lang jeuk.

En dan de buurt waar ik ben opgegroeid. De jungle van Eindhoven.
Vaartbroek.
Auto’s die harder dan 30 reden.
Fietsen zonder helm.
Fietsen zonder handen.
Pijltjes schieten naar elkaar.
Dartpijltjes naar elkaar gooien.

Thuglife.

Maar tijd voor een grotere uitdaging.
De echte concrete Jungle roept.
De enige echte ghetto van het Nederlandsche.
School of Hard Knocks

Tijd om naar de Bijlmer te verkassen.
Nu, vele jaren later (zes ofzo) heb ik een aantal extra vaardigheden opgepikt.
Zo ben ik sneller geworden door het vele wegrennen en kan ik met minimaal zes verschillende inheemse Afrikaanse stammen praten.

Voor de rest weet ik dat ik mijn spullen goed moet verzekeren voor de momenten dat iemand anders ze meeneemt zonder mij in te wittige.
En veel voedsel waar ik vroeger nog nooit van had gehoord is heeeeeerlijk.
Zoals bojo, teloh, kip en meloen.

En als het echt moet dan zou ik misschien ook wel de bloedworst, vleermuis en varkenspoot proberen (yuck).

Mijn grootste probleem is de drama.
Nu heb ik ook wel behoorlijk wat drama in mijn leven meegemaakt.
Maar zelf dramatisch doen, daar ben ik nog niet zo goed in.
Dus voordat ik echt mee kan doen aan Expeditie Robinson zal ik eerst wat dramatischer moeten worden.

Misschien dat ik weer naar een andere locatie moet verhuizen om dat te leren.

Maar nu eerst verder met Expeditie Bankstel en naar de drama op tv kijken.

Maandagavondfitness

In veel fitnesscentra is maandagavond de drukste avond van de week. Niet omdat dan de hardcore fitnessliefhebbers en bodybuilders er zijn, maar omdat alle weekendzondaars denken in één dag hun lichaam in top conditie te krijgen voor de rest van de week.

De gespierde en getonede lichamen maken dan plaats voor uitgebuikte en uitgedijde ‘zwetende’ lichamen.
De meeste serieuze fitnessers zorgen ervoor dat maandag hun rustdag is of ze gaan extra vroeg of extra laat.
De ellende begint meestal rond 19 uur, wanneer het eten gezakt is en men al een kort dutje heeft kunnen doen op de bank.

Vroeger, toen ik ook redelijk serieus sportte, was ik blij dat ik op maandag ergens anders moest trainen.
Momenteel heb ik minder tijd om serieus te sporten. ‘Geen tijd’, is één van de meest gebruikte smoezen om niet te sporten. Ik heb er nog wel meer hoor.

Nu was ik dus het haasje. Ik moest, omdat mijn lichaam en geest schreeuwden om extra beweging, op maandagavond naar de sportschool.
Mijn lichaam schreeuwde, onder andere door de Whopper en Big Mac van afgelopen weekend, om aandacht.
Mijn geest door het tijdelijke gebrek van uitlaadklep.

Ik dus als volleerd weekendzondaar rond een uur of zeven naar de sportschool fietsen. Benieuwd hoe het met mijn mede zondaars gaat.
‘Misschien valt het allemaal wel mee’, denk ik tegen beter weten in.

Mijn sportschool is opgesplitst in twee delen, een cardio- en krachttraining gedeelte. Omdat ik oud ben, moet ik eerst een ‘goede’ warming-up doen, dus ik loop rustig naar het cardiogedeelte.
Als ik binnenkom zie ik de bui al hangen. De meeste apparaten zijn bezet door de ‘sportende’ mensch. Gelukkig is er een roeiapparaat welke niet gebruikt word. Ik kom erachter dat dit een reden heeft, de computer werkt niet. Dat maakt mij niet uit, ik ga even opwarmen.

Opgewarmd en wel loop ik vol goede moed naar het krachtgedeelte. Qua drukte valt het hier mee. De buikspierapparaten zijn uiteraard bezet, want die dingen doen wonderen voor de weekendzondaar. Twintig buikspieroefeningen geven een sixpack gevoel, dan kan er weer een extra broodje frikadel in morgen bij de lunch.
Bij de meeste apparaten die bezet worden gehouden staan twee of meer mensen. Sommigen gebruiken het apparaat op de juiste manier, maar over het algemeen worden vooral de kaakspieren en de stembanden getraind.
Genietend van mijn muziek probeer ik alle oefeningen te doen die ik wil doen. Het helpt om meerdere oefeningen te kennen, zodat je wat kan switchen als een groep mensen apparaten bezet houden.

Uiteindelijk had ik alle krachtoefeningen gedaan en had ik nog wat energie over om wat luizweet uit mijn lichaam te laten sijpelen.
In de cardioruimte staan een aantal machines in een cirkel opgesteld. Waarom? Ik denk alleen om de reden dat het stopcontact in het midden zit.
Hierdoor ben je wel genoodzaakt om naar de andere mensen te kijken. En, zoals ik al zei, is dat geen pretje op maandagavond.

Gelukkig was er een cross-trainer vrij. Dit is een apparaat waar je op staat en een soort van loopbeweging maakt terwijl je ook je armen traint. Ze zeggen dat het niet zo belastend is voor je gewrichten.
Dus ik begin met ‘lopen’ en kijk om me heen naar welke mensen zich ook in het zweet aan het werken zijn.
Links van mij loopt een vrouw op de loopband, in spijkerbroek. Ze loopt, ze rent niet. Ik kijk in haar ogen die wagenwijd openstaan en ik zie niets. Deze vrouw komt rechtstreeks uit The Walking Dead en loopt waarschijnlijk nu nog steeds op de loopband.
Rechts van mij loopt ook een vrouw op een loopband, zij is wel sportiever gekleed. Ze is ook aan het rennen, niet super hard, maar ze rent. Als ik in haar ogen kijk zie ik een vurige passie. Ze lijkt een vrouw op een missie. Het zweet komt zelfs uit haar mondhoeken.
Als ik nog eens goed naar haar kijk bedenk ik me dat het geen zweet is, maar dat ze kwijlt. Waarschijnlijk droomt ze dat ze naar een Whopper aan het rennen is. 
Of in haar geval een familybucket hotwings.

Tegenover mij staat ook een cross-trainer. Toevallig staat ook hier een vrouw op. En deze vrouw gaat tekeer. Ik schrik ervan. Ze rent als een malle. Ze lijkt de handvaten fijn te knijpen. Net alsof ze na lange tijd weer twee mannelijke geslachtsdelen vastheeft en deze nooit meer los wil laten. Haar hele lichaam gaat van links naar rechts. Ik ben bang, bang dat ze in de handvaten gaat bijten. En bang dat ze mij ziet.

Snel kijk ik weg.
Naar de tv. Snooker op Eurosport. Inspirerend.
Ik maak mijn minuten vol, zweet nog een beetje en ga als de wiedeweerga naar huis.

Hopelijk tot snel, maar waarschijnlijk tot maandag.